Libië - Nicosia-initiatief  

Waarom het Europees Comité van de Regio's samenwerkt met steden in Libië

Sinds 2015 werkt het Europees Comité van de Regio's aan een nauwe politieke en, in toenemende mate, uiterst praktische relatie met Libische steden. De relatie dient een dubbel doel: helpen de kwaliteit van de publieke dienstverlening in Libië te verbeteren en Libische steden helpen toe te treden tot de internationale gemeenschap. De samenwerking is een antwoord op de politieke onrust en onveiligheid waarmee Libië sinds 2011 worstelt en die de gemeentelijke diensten in Libië uithollen, Libische steden in een internationaal isolement houden en het land hebben veranderd in een belangrijke doorgangsroute voor irreguliere migranten.

Op verzoek van een aantal Libische steden is het Europees Comité van de Regio's er in januari 2016 toe overgegaan partnerschappen tot stand te brengen ten behoeve van de lokale overheden in Libië. Het CvdR stemt de verzoeken van Libische steden af op het expertiseaanbod van steden en regio's in de EU, met als doel het leven van gewone Libiërs te verbeteren door gemeenten te helpen de kwaliteit van hun dienstverlening te verbeteren op terreinen als primaire gezondheidszorg en afvalbeheer. Daarnaast levert het initiatief een bijdrage – in het kader van de diplomatie der steden – aan de stabilisering van Libië in een tijd waarin politieke onrust en onveiligheid hebben geleid tot bevriezing van de samenwerking met de Libiërs.

Dit is een proces van onderop – onder de deelnemers bekend als het Nicosia-initiatief – dat tegemoetkomt aan de behoeften van een van de meest kwetsbare naaste buurlanden van de EU. De betrokkenheid van het CvdR is ingegeven door de overtuiging van het orgaan dat stedendiplomatie en diplomatie tussen gelijkwaardige partners nodig zijn om belangrijke internationale uitdagingen op lange termijn het hoofd te bieden. Deze aanpak sluit tevens aan bij de integrale EU-strategie en de overtuiging dat de EU globaal moet denken en lokaal moet handelen.

Met wie werkt het CvdR samen?

De Libische steden die aan het Nicosia-initiatief deelnemen of waarmee het CvdR contact onderhoudt zijn:

  • Tripoli (geschatte bevolkingsomvang: 1,1 miljoen),
  • Benghazi (geschatte bevolkingsomvang: 630 000),
  • Ghariyan (190 000),
  • Tobruk (120 000),
  • Sabha (97 000),
  • Sirte (80 000),
  • Zintan (82 000),
  • Zliten (270 000).


De burgemeester van Tripoli, Abdelrauf Beitelmal, en de burgemeester van Zintan, Mustafa Abdullah al-Baruni, vertegenwoordigen de Libische burgemeesters, als aanspreekpunt voor de partnerschappen en als waarnemers bij de Euromediterrane Vergadering van lokale en regionale overheden (Arlem). De meeste Europese leden van Arlem, waarin politici en politieke vertegenwoordigers uit de EU en het Middellandse Zeegebied zitting hebben, zijn lid van het CvdR. 

Het CvdR doet dienst als het secretariaat van Arlem en van het Nicosia-initiatief.

Hoe ondersteunt het CvdR Libische steden?

Het CvdR is een politiek orgaan. De grondslag voor een langdurige relatie tussen het CvdR en Libië is politiek van aard: de wens dat Libische steden zich aansluiten bij de internationale gemeenschap en hun voordeel doen met de partnerschappen en gemeenschappelijke doelstellingen die steden en regio's gezamenlijk in het kader van geregelde contacten formuleren.

Sinds 2011 worstelt Libië op nationaal niveau met politieke onrust en onveiligheid, en de politieke situatie blijft precair. De crisis heeft een negatieve uitwerking op de gezondheid, het onderwijs, het levensonderhoud en de vooruitzichten van Libiërs in het hele land. Vele lokale overheden zijn er niettemin in geslaagd de basisvoorzieningen in stand te houden en kunnen rekenen op aanhoudende steun van de kiezers en een groot draagvlak onder de bevolking. Al zo lang als de hele crisis aanhoudt, zorgen zij voor enige stabiliteit voor de bevolking.

Het CvdR is daarom tot de slotsom gekomen dat de EU Libië heel goed zou kunnen helpen door Libische steden en regio's te ondersteunen. De steden en regio's in de EU hadden inmiddels aangetoond over de nodige politieke ervaring, institutionele capaciteit en technische vaardigheden te beschikken om steden en regio's elders op de wereld een helpende hand te reiken. Door middel van het Nicosia-initiatief streeft het CvdR ernaar de steun voor Libië te vergroten op gebieden die door de lokale overheden in Libië als van essentieel belang zijn aangemerkt.

Aan wat voor ondersteuning hebben Libische steden behoefte?

De regio's en steden in de EU bieden inmiddels ondersteuning op de volgende gebieden (of hebben deze toegezegd):

  • waterbeheer: Murcia (ES),
  • afvalbeheer: Antwerpen (BE)
  • primaire gezondheidszorg: Vila Real (PT)
  • openbaar bestuur: Nicosia (CY),
  • onderricht in de Engelse taal: lokale overheden op Malta (MT)
  • begroting: Vlaanderen (BE).


Tijdens studiebezoeken aan de EU zijn Libische deskundigen gaan kijken bij operationele inrichtingen en hebben zij deelgenomen aan workshops en debatten.

Libische en Europese burgemeesters waren bij elk studiebezoek aanwezig en hielden bijeenkomsten om de basis te leggen voor duurzame relaties.
 
Op dit ogenblik houdt het CvdR zich bezig met:

  • het afstemmen van het aanbod van en de verzoeken om ondersteuning op de volgende gebieden: begroting, jongerenwerk, bestrijding van radicalisering, visserij en internationale samenwerking;
  • het ontwikkelen van een netwerk van Europese scholen voor lokaal bestuur die bereid zijn cursussen te organiseren voor Libiërs, dat op termijn als basis zou kunnen dienen voor de oprichting van een school voor openbaar bestuur in Libië zelf;
  • het bevorderen van de ontwikkeling van grootschalige projecten waarbij steden in Libië en de EU betrokken zijn.

Tijdbalk van de relatie

  • juli 2015: een delegatie van vijf Libische burgemeesters brengt een bezoek aan het Comité van de Regio's in Brussel;
  • oktober 2015: de Euromediterrane Vergadering van lokale en regionale overheden (Arlem) nodigt burgemeester Beitelmal uit om in Brussel haar commissie duurzame ontwikkeling als waarnemer bij te wonen;
  • januari 2016: een delegatie van Libische burgemeesters wordt uitgenodigd om in Nicosia (Cyprus) de jaarlijkse plenaire vergadering van de Arlem als waarnemer bij te wonen. Burgemeester Beitelmal overhandigt een brief met een verzoek om ondersteuning op zes gebieden. In antwoord hierop zet de Arlem het Nicosia-initiatief in gang;
  • mei 2016: het eerste resultaat van de koppelingsactiviteiten van het CvdR is een studiebezoek over waterbeheer, dat wordt georganiseerd door de regio Murcia;
  • juni 2016: mede door de stad Antwerpen georganiseerd studiebezoek over afvalbeheer; Tijdens dit bezoek ontmoet een delegatie van Libische burgemeesters Federica Mogherini, hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en vicevoorzitter van de Europese Commissie.
  • september 2016: mede door de Portugese gemeente Vila Real georganiseerd studiebezoek over de uitwisseling van goede praktijken in de primaire gezondheidssector;
  • september-oktober 2016: mede door de Cypriotische gemeente Nicosia georganiseerde trainingsessies, over onder meer personeelsbeheer, bestuurlijke controle en reconversie van historische infrastructuur;
  • februari 2017: mede door de Vlaamse overheid georganiseerde gedachtewisseling over financieel beheer en transparantie;
  • maart 2017: workshop in het veld en studiebezoek aan Tozeur (Tunesië), om te bepalen wat de beste technologie is voor de installatie van composteringseenheden voor organisch afval in zes Libische gemeenten;
  • april 2017: opleiding voor twintig jonge opinieleiders op het gebied van positive peace, mede georganiseerd door Unicef en het Institute for Economics and Peace;
  • mei 2017: eerste bijeenkomst van het netwerk van scholen voor openbaar bestuur voor Libië met Libische universiteiten en gemeenten. De bijeenkomst heeft tot doel een idee te krijgen van de behoeften van de Libische gemeenten en na te gaan hoe universiteiten hen kunnen bijstaan bij de opbouw van capaciteit;
  • juni 2017: een uitwisseling in het kader van onderzoek georganiseerd door de Italiaanse regio Friuli Venezia Giulia, over visserij en visserijcoöperaties;
  • oktober 2017: internationale studiebijeenkomst over stedelijke strategieën, instrumenten en technologieën met betrekking tot de duurzaamheid van de stad Sfax;
  • november 2017: eerste blok van drie leermodules over urgente vraagstukken voor vertegenwoordigers van lokale en regionale overheden in Libië;
  • november 2017: twee dagen durende opleiding/coaching ten behoeve van lokale onderzoekers in Tunesië over transparantie en goed bestuur;
  • november/december 2017: honderd uur opleiding voor twintig Libische technici op het gebied van de zuivering en het hergebruik van afvalwater voor irrigatie.

Dit initiatief van het Comité van de Regio's is alleen mogelijk met de financiële en politieke ondersteuning van de Europese dienst voor extern optreden en DG NEAR van de Europese Commissie (directoraat-generaal Nabuurschapsbeleid en Uitbreidingsonderhandelingen), via de EU Public Administration Facility for Libya.

Logistieke ondersteuning wordt verleend door Crown Agents, een internationale ontwikkelingsorganisatie.

Ook de Unie voor het Middellandse Zeegebied, waarin de 28 lidstaten van de EU en 15 landen in het Middellandse Zeegebied zijn verenigd, verleent aanzienlijke politieke ondersteuning. Libië is geen lid van de Unie voor het Middellandse Zeegebied.

Federica Mogherini, chef buitenlands beleid van de EU, heeft de samenwerking tussen het CvdR en de steden in Libië een puik voorbeeld van stedendiplomatie genoemd. Volgens haar kunnen gemeenten een centrale rol spelen bij de wederopbouw van Libië en moeten wij [het CvdR] de dialoog met het land gaande houden, omdat de Libiërs ons in deze moeilijke tijden nodig hebben als partner. Zij verklaart ervan overtuigd te zijn dat steden en regio's een actieve rol moeten spelen in "nieuwe structuren" op het gebied van het buitenlands beleid.


  
Het CvdR is van oordeel dat deze bottom-upbenadering geschikt is om te worden omgevormd tot langetermijnprojecten en -programma's die worden beheerd door de Europese Commissie, waarbij het CvdR politieke ondersteuning verleent. Ook de Unie voor het Middellandse Zeegebied zou een aantal van deze kleinschalige initiatieven kunnen omvormen tot projecten met een langere looptijd.