Klik hier voor een automatische vertaling van onderstaande tekst.
Lokale en regionale leiders pleiten voor invoering van nieuw EU-keurmerk ter bescherming van industriële en ambachtelijke uitmuntendheid  

Naar het voorbeeld van de geografische aanduidingen voor levensmiddelen, zal het nieuwe systeem bijdragen tot de bestrijding van namaak en de bescherming van de werkgelegenheid en van producten die deel uitmaken van het Europees cultureel erfgoed.

Een nieuw EU-systeem voor de bescherming van geografische aanduidingen voor industriële en ambachtelijke producten, dat gebaseerd is op het succesvolle model van geografische aanduidingen voor landbouwproducten en levensmiddelen, zal zowel de ambachtslieden als de lokale economieën ten goede komen. Het nieuwe systeem zal de rechtsbescherming van uitmuntende producten versterken, namaak helpen bestrijden en banen creëren en behouden. Het voorstel staat in een advies van Martine Pinville, lid van de regioraad van Nouvelle-Aquitaine, dat op woensdag 13 oktober met algemene stemmen is goedgekeurd door de voltallige vergadering van het Europees Comité van de Regio’s (CvdR).

Boheems kristal (Tsjechië), bestek uit Solingen (Duitsland), porselein uit Limoges (Frankrijk), muranoglas (Italië), keramiek uit Puente del Arzobispo en Talavera (Spanje) en tweed uit Donegal (Ierland) zijn slechts enkele voorbeelden van Europese producten die niet alleen symbool staan voor eeuwenoude ambachtelijke tradities, maar ook deel uitmaken van het Europees cultureel erfgoed, dat zowel binnen als buiten de EU goed bekend is en wordt gewaardeerd. De rijke verscheidenheid van het Europese vakmanschap is te vinden in de steden, provincies en regio’s, en in lokale productiecentra waar de kennis vaak van generatie op generatie wordt doorgegeven.

In een tijdens de zitting met algemene stemmen goedgekeurd advies verzoekt het CvdR de Europese Commissie een rechtskader vast te stellen voor de bescherming van industriële en ambachtelijke producten uit Europa. De lokale en regionale politici betreuren dat het gebrek aan harmonisatie op EU-niveau inzake geografische aanduidingen (GA’s) voor industriële en ambachtelijke producten tot uiteenlopende nationale rechtsinstrumenten leidt en de bescherming van producten en ondernemingen ondermijnt.

Rapporteur Martine Pinville (FR/PSE), lid van de regioraad van Nouvelle-Aquitaine : “ De afgelopen maanden heb ik van gedachten kunnen wisselen met vertegenwoordigers van kleine en middelgrote ondernemingen, verenigingen en overheidsinstanties uit heel Europa, die het allemaal eens waren over de noodzaak van een Europees kader voor geografische aanduidingen voor industriële en ambachtelijke producten, zoals dat nu al bestaat voor landbouwproducten. De bescherming van ons erfgoed, het behoud van de toegevoegde waarde en van de werkgelegenheid in een bepaald gebied: op al deze punten leveren GA’s voor industriële en ambachtelijke producten voordelen op voor onze gemeenschappen. De inzet van het Europees Comité van de Regio’s is van essentieel belang om ervoor te zorgen dat de Europese Commissie snel een concreet voorstel indient en dat het is aangepast aan de omstandigheden ter plaatse.

Het CvdR benadrukt de economische aspecten van GA’s voor industriële en ambachtelijke producten: zij versterken het concurrentievermogen van de producenten, doordat zij de zichtbaarheid en het imago van hun producten bevorderen en bijdragen aan de bereidheid van consumenten om meer te betalen voor producten waarvan de kenmerken en de herkomst gewaarborgd zijn. Met GA’s wordt ook tegemoetgekomen aan een verschuiving in de vraag van de consumenten naar meer traceerbaarheid, transparantie over de herkomst van producten en hun productieproces, en de vraag naar lokaal vervaardigde producten. Deze tendens is tijdens de COVID-19-crisis alleen maar versterkt.

Het CvdR benadrukt bovendien dat de band tussen het geografische gebied en het product van fundamentele waarde is en met name impliceert dat de menselijke factor en knowhow van doorslaggevend belang zijn voor GA’s voor industriële en ambachtelijke producten. Op sommige plaatsen zijn de grondstoffen verdwenen of niet meer aangepast, maar hebben de bedrijven en knowhow toch standgehouden en zijn zij zelfs verder ontwikkeld om hoogwaardige producten te kunnen produceren.

De CvdR-zitting vindt plaats tijdens de 19e Europese Week van regio’s en steden , die gezamenlijk door het CvdR en de Europese Commissie wordt georganiseerd van 11 tot en met 14 oktober.

Achtergrond:

Dit is de tweede keer in zes jaar tijd dat het CvdR de Europese Commissie verzoekt een voorstel voor een verordening op te stellen ter bescherming van GA’s voor industriële en ambachtelijke producten in de Europese Unie. Het eerste advies hierover, getiteld “ Uitbreiding van geografische aanduidingen tot niet-landbouwproducten” , van rapporteur Maria Luisa Coppola (IT/EVP), dateert van februari 2015.

Vervolgens kondigde de Europese Commissie in haar actieplan inzake intellectuele eigendom van november 2020 aan dat zij de mogelijke invoering van een EU-systeem voor de bescherming van geografische aanduidingen (GA’s) van niet-landbouwproducten (zoals ambachtelijke en industriële producten) zou onderzoeken. Naar aanleiding daarvan werd een openbare raadpleging gestart om de impact te beoordelen van de potentiële kosten en baten van de totstandbrenging van een efficiënt en transparant EU-systeem voor de bescherming van geografische aanduidingen; deze raadpleging liep af in juli 2021. Het doel was om een gedetailleerd inzicht te krijgen in de problemen waarmee de stakeholders worden geconfronteerd, onder meer met betrekking tot de bestaande wettelijke bescherming van authentieke, geografisch gewortelde niet-landbouwproducten binnen de interne markt; de voordelen en risico’s van EU-optreden; en de beschikbare beleidsopties, met inbegrip van de controle op en handhaving van een toekomstig EU-beschermingsstelsel voor dergelijke producten. De feedback die werd ontvangen naar aanleiding van de aanvangseffectbeoordeling werd aangevuld met een juridische en een economische studie. De Commissie zou vóór het einde van het jaar een voorstel voor een verordening moeten presenteren.

Contactpersoon:

Matteo Miglietta

Tel. +32 470 895 382

matteo.miglietta@cor.europa.eu

Ella Huber

Ella.Huber@cor.europa.eu

Share: