Klik hier voor een automatische vertaling van onderstaande tekst.
Brexituitstel mag akkoord over toekomstige EU-begroting niet in de weg staan, aldus lokale leiders  
Regio's en steden dringen aan op snelle overeenstemming over de EU-begroting voor 2021-2027 en op garanties dat de financiering van de huidige investeringsplannen niet wordt onderbroken

Naar aanleiding van de uitkomsten van de buitengewone Europese Raad over het vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de EU heeft het Europees Comité van de Regio's (CvdR) - de EU-assemblee van lokale en regionale overheden - er nogmaals op gewezen dat de lidstaten de langetermijnbegroting van de EU voor de periode 2021-2027 dringend moeten goedkeuren, zodat regio's en steden nieuwe plannen behoorlijk kunnen voorbereiden en ze de gevolgen van de brexit binnen de perken kunnen houden.

De oproep werd gedaan tijdens een debat tussen de 350 Europese regionale en lokale leiders uit het CvdR en Jean Arthuis , voorzitter van de begrotingscommissie van het Europees Parlement. Beide politieke vergaderingen van de EU zijn zeer bezorgd over de financiële gevolgen van de besluiten die de lidstaten tijdens de buitengewone Europese Raad hebben genomen.

De voorzitter van het Europees Comité van de Regio's, Karl-Heinz Lambertz , merkte op: " Het besluit om in te stemmen met verlenging tot eind oktober geeft het Verenigd Koninkrijk meer tijd om uit de interne impasse te raken. De brexit zal geen winnaars opleveren, maar we moeten deze tijd verstandig gebruiken om ons op de toekomst voor te bereiden door bruggen te slaan tussen lokale en regionale overheden uit het VK en de EU-27. Cruciaal is wel dat een verlenging de EU niet mag beletten vooruitgang te boeken op het gebied van dringendere kwesties zoals regionale ongelijkheid, klimaatverandering, werkgelegenheid en geopolitieke uitdagingen. We moeten zekerheid bieden om onze economieën te beschermen en deze uitdagingen aan te gaan, wat betekent dat we het dringend eens moeten worden over een toekomstige EU-begroting die van een zodanige omvang is dat regio's en steden investeringen kunnen plannen voor de toekomst ."

Het CvdR en het Parlement hebben er luid en duidelijk voor gepleit dat de bijdrage van de EU-27 aan de EU-begroting wordt verhoogd van 1 % naar 1,3 % van het bruto nationaal inkomen om de uitdagingen van het komende decennium het hoofd te kunnen bieden. Het CvdR staat kritisch tegenover bezuinigingen op de regionale fondsen van de EU - het cohesiebeleid – waarmee steun moet worden verleend aan regio's waarvan de economie het meest te lijden heeft onder de brexit. Waar het gaat om de lopende investeringsplannen vindt het CvdR dat de financiële verplichtingen van de EU moeten worden nagekomen tot het laatste jaar waarin betalingen mogelijk zijn (2023), om te voorkomen dat er wordt gekort of dat er een verschuiving naar de nieuwe financiële cyclus plaatsvindt.

Jean Arthuis deelt de zorgen van de regio's en steden volledig. Bij de uiteenzetting van het standpunt van het EP heeft hij vragen van CvdR-leden beantwoord en daarbij nadrukkelijk het volgende gesteld: " Het Europees Parlement bestudeert de voorstellen van de Commissie voor de noodmaatregelen in geval van een 'no-deal' zorgvuldig . Als de brexit op een dag werkelijkheid wordt, zullen noch de regio's noch de steden in een Europa met 27 lidstaten daar de dupe van worden ."

Het CvdR heeft de mogelijke impact van de brexit beoordeeld in een reeks studies en tijdens politieke debatten in de afgelopen twee jaar, waaronder drie open discussies met de hoofdonderhandelaar van de EU, Michel Barnier . De rechten van de burgers en de mogelijke kosten voor havens, visserij, toerisme, landbouw, onderzoek en onderwijs zijn naar voren gekomen als belangrijke aandachtspunten van lokale leiders uit zowel de EU als het Verenigd Koninkrijk. Het CvdR heeft twee politieke resoluties aangenomen, in maart 2017 en mei 2018 , en is onlangs begonnen met het in kaart brengen van de beste instrumenten voor grensoverschrijdende regionale samenwerking na de brexit .

Contact:

Pierluigi Boda

Tel.: +32 2 282 2461

Mobiel: +32 473 85 17 43

pierluigi.boda@cor.europa.eu