Klik hier voor een automatische vertaling van onderstaande tekst.
Lokale leiders werken samen met het Sloveense voorzitterschap, de Commissie en het Europees Parlement om de uitvoering van de herstelplannen van de EU te versnellen  

Tijdens het eerste forum op hoog niveau over regionaal herstel en veerkracht zijn voorstellen gepresenteerd om de governance te verbeteren en overlappingen met het cohesiebeleid te voorkomen

Op 24 september hebben regionale en lokale politici in Lipica (Slovenië) gedebatteerd over de vraag hoe herstelinvesteringen ter plaatse op tijd kunnen worden uitgevoerd en hoe vertragingen en overlappingen tussen EU-beleidsmaatregelen kunnen worden voorkomen. De Europees commissaris voor Economie, Paolo Gentiloni, de Sloveense minister van Financiën, Andrej Sircelj, en enkele vooraanstaande leden van het Europees Parlement benadrukten dat nationale herstelplannen alleen kans van slagen hebben als met regio’s en steden wordt samengewerkt.

Bij de opening van het forum op hoog niveau, dat gezamenlijk door het Comité van de Regio’s (CvdR) en het Sloveense voorzitterschap van de Raad van de EU werd georganiseerd, zei de voorzitter van het CvdR, Apostolos Tzitzikostas : “ De middelen van de faciliteit voor herstel en veerkracht beginnen de lidstaten te bereiken . Het is nu onze gezamenlijke plicht ervoor te zorgen dat elke euro van het geld van de belastingbetalers wordt geïnvesteerd in ons herstel. We hebben een echt partnerschap nodig tussen Europese, nationale, regionale en lokale actoren, hoewel de regelgeving onvoldoende duidelijk is over de betrokkenheid van regio’s en steden. Het Comité houdt nauwlettend toezicht op de uitvoering van de faciliteit ter plaatse en de coördinatie ervan met het cohesiebeleid. De verwachtingen en behoeften van onze burgers mogen niet worden genegeerd door top-downbeslissingen te nemen.

Andrej Šircelj , minister van Financiën van de Republiek Slovenië, verklaarde: “ Ik geloof dat we grote resultaten kunnen boeken met een succesvolle uitvoering van de faciliteit voor herstel en veerkracht. De beste resultaten zullen alleen kunnen worden bereikt dankzij inclusieve samenwerking. Deze crisis heeft ons geleerd hoe we in moeilijke tijden moeten samenwerken, op lokaal, regionaal en internationaal niveau. Nu hoeven we ons alleen nog maar voor te stellen wat we kunnen bereiken door in veelbelovende tijden samen te werken en een stap in die richting te zetten.

EU-commissaris voor Economie Paolo Gentiloni onderstreepte “ het constructieve engagement van het CvdR bij het vormgeven van de definitieve opzet van de faciliteit voor herstel en veerkracht ” en het cruciale belang van een sterk partnerschap tussen de verschillende bestuursniveaus in de komende fase. “ Meer dan twee derde van alle nationale herstel- en veerkrachtplannen bevindt zich al in de uitvoeringsfase. Lokale en regionale overheden zullen van cruciaal belang zijn om deze plannen te realiseren en wij zullen de lidstaten blijven aanmoedigen om hen er daadwerkelijk bij te betrekken ”, zo sprak hij. “ De middelen uit de faciliteit en het cohesiebeleid moeten elkaar aanvullen en niet vervangen: additionaliteit en absorptie zijn hier de sleutelwoorden.

Het debat tijdens het forum zal worden meegenomen in het CvdR-advies over de tenuitvoerlegging van de faciliteit voor herstel en veerkracht, opgesteld door Rob Jonkman (NL/ECR), dat op de planning staat om op 29 september door de commissie Economisch Beleid (ECON) te worden goedgekeurd. Het Comité heeft een eerste evaluatie van de voorbereiding van de nationale herstelplannen gemaakt en zal zijn bevindingen over de impact van de pandemie op regionale en lokale gemeenschappen presenteren in de jaarlijkse lokale en regionale barometer van de EU voor 2021, die op 12 oktober zal worden voorgesteld tijdens de 19e Europese Week van regio’s en steden .

De opening en de eerste paneldiscussie van het forum op hoog niveau over herstel en veerkracht kunt u hier opnieuw bekijken.

Het forum op hoog niveau vond plaats ter gelegenheid van een externe vergadering van het CvdR-bureau in Lipica, Slovenië. Voorafgaand aan de bureauvergadering organiseerde het CvdR-programma voor Young Elected Politicians (YEP’s) een evenement over het cohesiebeleid, waar jonge lokale politici uit de hele EU bijeenkwamen met CvdR-leden, de Sloveense staatssecretaris voor Ontwikkeling en Europees cohesiebeleid Monika Kirbiš Rojs, vertegenwoordigers van de Europese Commissie en andere prominente sprekers.

Het YEP-evenement “Cohesie als waarde – kosten en baten voor jongeren van de overgang naar een wereld na COVID-19” kunt u hier terugkijken.

UITSPRAKEN TIJDENS HET FORUM OP HOOG NIVEAU OVER REGIONAAL HERSTEL EN VEERKRACHT

(in volgorde van de interventies):

Aleksander Jevšek (SI/PSE), vicevoorzitter van de Sloveense delegatie van het CvdR en burgemeester van Murska Sobota, zei: “ De efficiënte besteding van elke euro uit de faciliteit voor herstel en veerkracht hangt in grote mate af van het partnerschap met lokale en regionale overheden. Om de middelen van zowel de herstelinstrumenten als de cohesiebeleidsprogramma’s optimaal te benutten, moeten de nationale regeringen luisteren naar de steden en regio’s en erop vertrouwen dat dit geld op transparante wijze zal worden besteed.

Michael Murphy (IE/EVP), burgemeester van Clonmel en voorzitter van de CvdR-commissie Economisch Beleid (ECON), zei: “ De uitdagingen waarmee we worden geconfronteerd, zijn niet ‘one size fits all’, maar verschillen in aard en intensiteit tussen Europese regio's, steden, gemeenten en plattelandsgebieden. We hebben op maat gesneden oplossingen nodig, die samen met het lokale niveau worden uitgevoerd. Een top-downbenadering van het herstel zou betekenen dat investeringen en hervormingen wellicht niet stroken met de reële kansen en uitdagingen op het terrein.

Rob Jonkman (NL/ECR), CvdR-rapporteur van het advies over de uitvoering van de faciliteit voor herstel en veerkracht, zei: “ Het herstel van Europa en de digitale en duurzame transitie hangen af van de rechtstreekse betrokkenheid van lokale en regionale overheden. Daarom moeten zij structureel worden betrokken bij de uitvoering van de herstelplannen. Aangezien hun betrokkenheid van lidstaat tot lidstaat verschilt, moeten we onze ervaringen delen en van elkaar leren.

Alexandra Geese (DE/Groenen), lid van het Europees Parlement en rapporteur voor het instrument voor technische ondersteuning (TSI), zei: “ Een sociaal inclusieve, groene en digitale transitie brengt tal van uitdagingen met zich mee die alleen kunnen worden aangepakt als lokale en regionale overheden een actieve rol spelen. Het instrument voor technische ondersteuning biedt lokale en regionale overheden de kans om kennis op maat te creëren: door deskundigen te vragen om strategieën en stappenplannen op maat op te stellen, seminars en workshops te organiseren of van elkaars beste praktijken te leren. Klimaattracering, genderbudgettering en open-sourceoplossingen om gedigitaliseerde en zeer toegankelijke overheidsdiensten te bevorderen zijn slechts enkele voorbeelden van de vele op maat gesneden oplossingen die het TSI kan faciliteren.

María Del Valle Miguelez Santiago , vicevoorzitter van de Conferentie van perifere maritieme regio’s ( CPMR ), regionaal minister van Ondernemingen, Werkgelegenheid en Universiteiten en woordvoerder van de regio Murcia, zei: “ Regio’s spelen een sleutelrol bij de verwezenlijking van de klimaat- en digitale prioriteiten van de EU, en hun bevoegdheden strekken zich uit tot meerdere doelstellingen van de herstelplannen. Regio’s hebben een goed zicht op de investeringsbehoeften op territoriaal niveau en zouden binnen de relevante politieke besluitvormingsfora een rol moeten spelen bij het vaststellen en uitvoeren van de herstelinvesteringen. De komende maanden kunnen wij dan ook een meerwaarde bieden voor een efficiënt gebruik van de Europese fondsen en het bereiken van de gewenste doelen.

Hanna Zdanowska (PL/EVP), lid van de werkgroep Green Deal Going Local van het CvdR, zei: “ 75 % van de EU-burgers woont in steden, die de grootste veroorzakers van broeikasgasemissies zijn. Maar steden zijn ook knooppunten en bronnen van actie en innovatie op het gebied van mitigatie van en aanpassing aan de klimaatverandering. Het mondiale forum over klimaatactie in Glasgow biedt lokale en regionale leiders een belangrijke kans om te laten zien wat steden en regio’s kunnen doen en wat zij nu al doen om klimaatneutraliteit te bereiken.

Zvone Černač , minister van Ontwikkeling en Europees cohesiebeleid van Slovenië, zei: “ Het is een essentiële doelstelling maar ook een uitdaging om een kader tot stand te brengen dat enerzijds zorgt voor synergie tussen de korte- en langetermijnmechanismen en anderzijds de uitvoeringsprocedures vereenvoudigt, waarbij de lokale en regionale overheden een sleutelrol spelen naast de nationale regeringen.”

Isabelle Boudineau (FR/PSE), voorzitter van de CvdR-commissie Territoriale Samenhang en Begroting (COTER), zei: “ Europa heeft een ongekende inspanning geleverd om de sociale en economische gevolgen van de pandemie te beperken. Maar geld is niet alles. Laten we de methode niet over het hoofd zien: partnerschap en multilevel governance hebben hun nut bewezen in het cohesiebeleid. Een hernationalisering van het Europees beleid via het herstelplan is niet de oplossing. Laten we de bescherming van burgers en kmo’s toevertrouwen aan de regio’s .”

Juraj Droba (SK/ECR), CvdR-rapporteur van het advies over de betrokkenheid van de lokale en regionale overheden bij de voorbereiding van de partnerschapsovereenkomsten en operationele programma’s voor de periode 2021-2027, zei: “ Partnerschap is, samen met subsidiariteit, het belangrijkste beginsel vanuit het oogpunt van steden en regio’s, en we moeten ervoor zorgen dat dit beginsel in alle fasen van de nieuwe programmeringsperiode volledig ten uitvoer wordt gelegd.

Ulrika Landergren (SE/Renew E.), voorzitter van de commissie Natuurlijke Hulpbronnen (NAT) van het CvdR, zei: “ We zien al enkele jaren een groeiende kloof tussen de aandacht en de middelen voor enerzijds stedelijke gebieden en anderzijds plattelandsgebieden. Helaas heeft de Europese Commissie haar langetermijnvisie voor plattelandsontwikkeling pas aangenomen nadat de financieringsprogramma’s tot 2027 waren vastgesteld. Het CvdR zal deze visie van de Commissie steunen, maar we kunnen niet wachten tot 2028! We moeten de kloof tussen landelijke en stedelijke gebieden nu dichten.”

Eddy van Hijum (NL/EVP), CvdR-rapporteur van het advies over de kmo-strategie, zei: “ Lokale en regionale overheden kunnen een partner zijn voor de Europese Commissie doordat wij in contact staan met kleine en middelgrote ondernemingen en lokale instanties zoals kamers van koophandel. Als we de gestelde doelen willen bereiken en na COVID-19 sterker terug willen komen, moeten we partners zijn in deze transitie. Van de kleinste kmo’s in onze thuisregio’s tot de Commissie, we moeten allemaal een steentje bijdragen om de transitie succesvol te laten verlopen.

Contact:

Matteo Miglietta

Tel.: +32 (0)470 895 382

matteo.miglietta@cor.europa.eu

Share: